0 items

Sedimentatieproef

1.Onderzoeksvraag

Welk van de onderzochte stalen vertoont dezelfde sedimentatie als het staal dat gevonden werd in de buurt van het slachtoffer?

2.Voorbereiding

a. Begrippen

  • Wat is een sedimentatie?Bezinkingssnelheid van deeltjes met verschillende massa.
  •  Uit welke deeltjes bestaat aarde?Zand, leem en klei
  •  Welke deeltjes zijn het zwaarst en zullen sneller bezinken?Dit komt omdat zanddeeltjes het grootst en het zwaarst zijn en daarom ook het  snelst bezinken..
  •  Welke deeltjes zijn het lichtste en zullen moeilijk bezinken?Leemdeeltjes zijn iets kleiner en lichter en de kleideeltjes zijn erg licht en bezinken pas als laatste.

b. Materialen

  • Elke leerling verzamelt 3 verschillende grondstalen bij zijn thuis of in de omgeving
  • 3 verzamelpotten (bv plastieken emmers van yoghurt).
  • water
  • afwasmiddel
  • bodemdriehoeken

3. Uitvoeren

a. Werkwijze

  • Neem bodemstalen op verschillende plaatsen in het gebied dat je wilt onderzoeken.
  • Doe 30 g van ieder bodemstaal in een doorzichtige emmer of pot met een deksel dat goed sluit en meng de aarde.
  • Voeg 400 ml water toe en een klein beetje (anders krijg je heel veel schuim) afwasmiddel toe en schud goed totdat je een homogene massa bekomt.
  • Laat de emmer dan een dag staan zodat alle aardedeeltjes kunnen bezinken.
  • Na een dag zijn normaalgezien alle deeltjes bezonken en zijn er visueel 3 lagen te onderscheiden, van onder naar boven: zand, leem en klei.
  • We meten de dikte van elke laag en de totale dikte op verschillende plaatsen (omdat de verschillende lagen niet op alle plaatsen even dik zijn), nadien wordt voor elke laag de gemiddelde dikte bepaald. Dan bereken we het procentuele aandeel van elke laag ten opzichte van het totaal.

 

b. Waarneming

4.Reflecteren

a. Besluit

b. Bronnen

5.Tips en Trics

TEXTUURBEPALING

 Een voorbeeld van een methode om de textuur van een bodem te bepalen is als volgt:

Neem ongeveer een halve koffielepel materiaal en maak het nat. Kneed het hoopje tot een maximale kleverigheid en kneedbaarheid bekomen wordt, zodanig dat alle klonters en brokjes verwijderd zijn. Indien men steentjes (groter dan 2 mm of ongeveer de grootte van een rijstkorrel) aantreft moet men die ook verwijderen. Het is mogelijk dat men regelmatig water moet toevoegen om de massa in een optimale kneedbaarheid te behouden. Vervolgens voert men de volgende tests uit en tracht men een antwoord te formuleren op volgende vragen.

Wat is het dominerend gevoel in de vingers bij het kneden ?

korrelig: ga naar 3

kleverig, vettig:(siltige) klei

deegachtig of zijdeachtig: ga naar 4

 

 Probeer een bolletje te maken door de vochtige massa tussen de handpalmen te wrijven (niet tussen de vingers kneden).

onmogelijk: zand

mogelijk met grote moeite en omzichtigheid : lemig zand

gemakkelijk uit te voeren:ga naar 4

 

 Maak een nieuw bolletje (3) en probeer het tot een worstje (doorsnede 0,5 cm) te rollen

onmogelijk om worstje te vormen: lemig zand

mogelijk : ga naar 5

 Maak het staal opnieuw vochtig, maak een dun worstje met een diameter van ongeveer 0.3 cm en maak een hoefijzervorm. Probeer met dit worstje een ring te vormen met een diameter van ongeveer 2.5 cm door de eindjes bij elkaar te brengen zonder dat het worstje breekt.

mogelijk  : ziltig klei

onmogelijk: leem  (zandig of kleiig)

 

bron: Stuart G., McRae. Practical Pedology. Studying soils in the field.

6.Vaststellingen

  1. Op het lijk: Aarde op de kleding van het slachtoffer
  2. In de omgeving van het lijk: Voetsporen van aarde.
  3. Verzamelde bewijsstukken: Aarde onder de schoenzolen van de verdachten

7.Verdachten

De aarde gevonden op en in de omgeving van het slachtoffer had volgende kenmerken:

  • Bruine kleur
  • Fijne structuur
  • Enkele kleine steentjes aanwezig (contaminatie van de weg?)

Duid de verdachte aan:

o   Bertil

o   Olivia

o   Rick

o   Dorien

8.Werkblaadje

Aanmelden

Zoektermen

Een UCLL project

logo lerarenopleidinglogo UCLLlogo Vakdidactieklogo Art of Teaching

Partners

logo covalent

translate »
X